Zaterdag 17 mei 2008

 

 

Geachte Tv-recensent,

 

Ik was het roerend eens met uw loftuitingen omtrent de geluidskwaliteit van de Eurovision Young Musicians 2008, die inderdaad uitmuntend was. En ik kan het weten, want ik ben zelf professioneel orkestdirigent (hoewel ik mijn identiteit even niet prijsgeef).

 

Zelf heb ik in mijn muziekpraktijk regelmatig met geluidstechnici te maken, ook bij Tv-opnamen en constateer niet alleen dat de meesten meestal doof of iig. hardhorend zijn, maar ook geen begin van een idee hebben van wat er belangrijk is in de klank, en hoe dit op een welluidende manier naar voren te halen.

 

Dat de Weense technici dat wél perfect blijken te kunnen hoeft geen verbazing te wekken, want de muziekcultuur in Wenen behoeft uiteraard geen betoog. Het kán dus wel, maar men moet er alleen de juiste mensen en apparatuur voor hebben, en vooral aan dat eerste ontbreekt het in Nederland.

 

Vergelijk het eens met de beeldregistraties in Nederland van klassieke concerten etc.: meestal ziet men slechts de klep van een fluit of een snaar van een viool, en als men heel veel geluk heeft de nagel van de vinger die hem bespeelt. De mens eraan vast, laat staan de interactie van die mens met diens collega-musici krijgen we zelden in beeld, want dan blijken kroonluchters en vergezichten toch opeens belangrijker. Misschien kunt u daar eens aandacht aan besteden?

 

met vgr

een orkestdirigent (overigens in het geheel niet verbitterd, hoor...)

 

(identiteit bekend bij Tv-recensent)

 

Zie ook: de betreffende Tv-recensie

 

 

Tv-recensent

 

 


 

                                                                                                                            

Vrijdag 16 mei 2008

 

 

JOEP TOEP

 

 

Hoe kun je zo bij Jensen terechtkomen. Dat komt zo. Ik wilde NOVA zien. Want het is nu wel duidelijk dat Barack Obama de nieuwe president wordt. Volgens NOVA dan. Dat is belangrijk. Dus NOVA legde het uit.

Althans daar is de rubriek voor opgericht. Echter, ondergetekende mist alle intellectuele ingrediënten om er iets van te kunnen snappen. Hij is niet voor NOVA in de wieg gelegd.

 

Dat is jammer. Voor NOVA. Want nu ben ik aangewezen op tientallen lang niet zulke beste nieuwsbronnen die ik wel begrijp. Reguliere journaals, CNN, BBC, de tv-zender Al Jazeera …kortom ik kijk wat af. Om bij te blijven.

 

Waarover het gaat?

1. Gisteren weer een doorbraak ten gunste van Barack Obama.

2. De gewezen Democratische presidentskandidaat John Edwards had zich aan zijn zijde geschaard.

3. Dus Clinton kan nu wel ophoepelen.

 

Dat is in drie korte zinnetjes de strekking van het nieuws. Volstrekt begrijpelijk, en ook logisch. Maar bij NOVA hebben ze een levend lijk in dienst. Willem Lust. Die gaat in Amerika rechtop staan. Voor een serie wolkenkrabbers.

 

Want die liggen ook niet horizontaal. Anders had hij daar beslist voor gekozen. En om te voorkomen dat wij de indruk krijgen dat hij vanuit Swaziland bericht.

 

Vervolgens declameert Lust lusteloos doch vooral half loensend allemaal uit de Amerikaanse media vertaalde zinnen. Maar daartussen manifesteert zich geen enkel verband of houvast. Er zijn ook zoveel kranten. Niets ervan is te bevatten.

 

Om het nog onoverzichtelijker te maken heeft NOVA een toespraak van Barack Obama van dertig minuten teruggebracht tot anderhalve,  en deze opgesplitst in twaalf onderdelen om ze in random-volgorde uit te zenden.

Dat laatste lukt prima. Hetzelfde doet men met de rede’s van Edwards en Hillary en die worden vakkundig, ook random, onalfabetisch gemengd met het overgebleven gehutsefluts van Obama.

 

En daarna schuift Lust dus voor de camera om de drie zinnetjes samen te vatten die ik hierboven om u te gerieven (terwijl het mijn taak helemaal niet is) als uitleg van het nieuws heb aangereikt. Maar door Lust worden die dan in de verkeerde volgorde gestandupperd met onverstaanbare namen en veertien keer zo lang. Dat is NOVA. Vandaar dat wij dus al scheldend terechtkwamen bij Jensen. Een beetje ons niveau dus.

 

Daar viel het begrip “You Tube”, en laat dat nou net ’s werelds enige medium zijn dat mij al enkele keren ten dienste heeft gestaan om “een volledige toespraak” van Barack Obama te kunnen volgen. Zodat ik tot een eigen mening en oordeel kom. Nergens anders kan dat, alleen daar. Een uitstapje dus om een inzicht te krijgen waar aanvankelijk NOVA voor was bedoeld. En dat levende lijk natuurlijk.

 

Maar wat wil het geval, op You Tube zijn Tinie en Lou even populair als Obama. Miljoenen keken ernaar. En vandaar dus hun optreden bij Jensen gisteravond.

Waar gaat het om.

 

1. Bij Tinie en Lou is het Kerstmis

2. Als diep gelovigen hangen Tinie maar vooral Lou de Kerstversiering op

3. Lou voorziet die inspanning van zijn eigen voice-over

 

En dat was met een telefoon gefilmd in Tinie’s en Lou’s huis. Want daar wordt onze lieve heer, tijdens het ophangen van de ballen en het neerzetten van het kribbetje, geëerd op de volgende manier:

 

 

Lou: “…met jou te werken daar krijg ik mooi echt de pestkanker van…ja godverdom-maar op….nee dan moet je het godverdegodverdomme goed doen…godgodverrre-godverdomme…d’r lukt hier ook nooit geen ene kankeritus…ik zal sterven als het niet waar is…krijgt toch de pest-kanker-tering….god-godverredomme…dat bloed kankerding….met die pestpleurisdinges van ene kersemus…je kan beter met sinterklaas meedoen as met sinterkers…ik krijg er huilbuien van…alles godverdomd hier naar benejen…”

 

Taalgebruik dus dat in de buurt kwam van de verbale emotie waarmee ondergetekende even tevoren NOVA verliet.

 

 

De twee helden werden door Jensen als Clinton en Obama binnengehaald. Armen omhoog vanwege hun ongekende populariteit. En luid toegejuicht door Jensen’s aanhang.

 

Maar nauwelijks op de bank gezeten duwde Jensen er een relatietherapeute naast (Centrum Eikenhof – Bergen op Zoom), met als zwaarste aanbeveling dat ze zelf ook al 40 jaar getrouwd is, en die mocht heel deskundig vaststellen dat Lou als enigszins dominant overkomt en Tinie ietwat slaafs.

Kwalificaties waar wij beslist niet zelf op zouden zijn gekomen zonder haar deskundigheid uit Bergen op Zoom.

 

Het huwelijk blijft in stand, zo was de moraal van het verhaal, want Lou onthulde op de valreep dat er:

“…alweer een nieuw filmpje was opgenomen voor Joep Toep…”.

“…Wat zeg je nou…” brullachte de presentator, “…Joep Toep?...”.

Die houden we erin stelde hij vast en kondigde spontaan zijn nieuwe site aan “JoepToep.nl”.

Een nieuw woord was geboren: Joep Toep.

 

Niet als bijnaam voor de bevroren Willem Lust, dat had zeker ook gekund, maar voor het enige medium op ’s lands bodem waarin wij wél een volledige toespraak van Barack Obama kunnen zien en beluisteren.

Joep Toep.

 

Wij nemen het graag over; van harte aanbevolen als u iets van Amerika wilt begrijpen, en van Lou en Tinie als u uw huwelijk wilt redden, met dank aan Jensen.

 

 

 

Tv-recensent

 

 


 

                                                                                                                            

Donderdag 15 mei 2008

 

 

ECHTE TV-PERSOONLIJKHEDEN

 

De ijzersterke NCRV-serie Kaaskoppen & Waterlanders besloot gisteravond (Ned. 2 – 19.25 uur) haar laatste geschiedenisles met de start van de televisie in Nederland. Maar het was geen groots slotstuk.

Het onderwerp werd gekoppeld aan een van de pioniers, te weten Nederlands eerste tv-regisseur Erik de Vries, en de tv-uitzending kwam daarmee en daarom op dubbele sporen terecht.

 

Enerzijds was er de hommage aan de persoon van Erik De Vries die als eerste regisseur tevens de grondlegger was van het televisievak, zowel in technisch- als inhoudelijke zin, en tegelijkertijd wilde het prachtige geschiedenisprogramma van de gelegenheid gebruik maken het maatschappelijke belang van het nieuwe medium in herinnering te roepen.

 

Die dingen gingen niet samen in het tijdsbestek van minder dan een kwartier en het werd daarom in beide doelstellingen eerder een plaatjesvoorstelling voor de jongsten van het basisonderwijs dan voor de gemiddelde kijker.

 

We zagen veel hondenhokjes en andere nostalgische tv-toestellen maar nauwelijks kregen wij iets te horen over de visie van De Vries hoe van meet af aan moest worden vormgegeven aan drama, amusement of informatie. Erik de Vries werd nu teveel als techneut neergezet en dus werd hem historisch tekortgedaan als baanbrekende creatieveling en vader van de Nederlandse televisie op het gebied van de algehele opmaak (De Vries overleed 20 april 2004).

 

Het begin van het televisievak werd ook nog afgedaan met de mededeling dat De Vries toen hij er allang niet meer werkte (de omroepen boden hem geen plaats omdat men het kunstje zelf wilde opvoeren) in 1966 werd gelauwerd met de Nipkowschijf. Nu leek het er een beetje op alsof de grote regisseur die destijds ontving als genoegdoening voor het onrecht dat hem was overkomen in plaats van een uitgestelde beloning voor zijn enorme betekenis voor de opkomst van de televisie in de jaren vijftig.

 

Ook werd veel te gemakkelijk geconcludeerd dat de omroepen hem zomaar uit een soort broodnijd hadden laten vallen terwijl zij hem hadden moeten omarmen.

Het zat dieper.

Want ook toen al was er iets aan de hand dat nooit meer uit het bestel zou verdwijnen: animositeit, vijandigheid en na-ijver in de richting van grote talenten en mateloze jaloezie op deze doordouwers die in kwalitatieve zin hoog boven het maaiveld uitstegen.

 

Het programma meende gisteravond:

“…Erik werd het slachtoffer van de verzuiling...”.

Zo was het niet. De pionier De Vries zou meteen al een van de eerste slachtoffers worden van 'jaloezie de métier', een ingeworteld naar menselijk verschijnsel dat als karaktertrek van velen de omroep nadien nooit meer heeft verlaten.

 

Het beste bewijs leverde gisteravond de beeldende verteller Ernst-Daniël Smid zelf. Deze begenadigde presentator had met de serie Kaaskoppen & Waterlanders weer een nieuw hoogtepunt bereikt in zijn toch al rijke carrière, maar sprak aan het slot van deze laatste uitzending toch een veelzeggende wens uit.

 

Hij hoopte, evenals velen thuis, dat de serie in een volgende periode wordt gecontinueerd maar vooral ook dat hij die dan weer zelf mag presenteren, want je bent je leven als erkend talent niet zeker binnen het omroepbestel.

 

En zo is het maar net, want nu nog mag Smid een van de allerbeste presentatoren zijn van de Nederlandse televisie, als volgend jaar een omroepminkukel het baantje geeft aan een Sofietje, Martijn of Nance omdat nietszeggendheid maar blijft stijgen in een geheimzinnige rangorde daar, horen wij van Ernst Danïel in de toekomst nog even weinig als van Erik de Vries.

 

Letterlijk zei hij nu:

“…En of ik er volgend jaar weer bij mag zijn – ik weet het niet, want je weet het maar nooit bij televisie…”.

 

Het is toch wat dat als je als gevierd en buitengewoon origineel spreekstalmeester zó in het openbaar dient te solliciteren naar iets dat je al vele malen hebt bewezen als een van de besten in omroepland te kunnen.

 

En zo hebben de kijkers na de allereerste uitzending van 2 oktober 1951 tot hun ergernis en bezorgdheid nadien vele Erik de Vriezen, die er nog hadden kunnen en moeten zijn, zien verdwijnen van de buis.

 

De namenreeks zwol aan tot een legertje van grote tv-persoonlijkheden die eigenlijk allemaal een plaatsje verdienen in een nieuwe serie Kaaskoppen & Waterlanders want voor hen en hun droefheid schiet ons een betere naam daarvoor niet te binnen.

 

 

 

Tv-recensent

 

 


 

 

                                                                                                                            

Woensdag 14 mei 2008

 

 

 

NOS: “LAATSTE NIEUWS MORGEN”

 

 

Ondergetekende is vooringenomen en dus niet objectief in deze kwestie. Ik zeg het vooraf. Discussie gesloten. Dat komt door twee voorvallen met Clarence Seedorf.

 

Het eerste voltrok zich in 1995 (Ajax won de Champions League) waarop hij uit volkomen overgave, onderworpenheid en waarschijnlijk liefde voor hem, na afloop van de wedstrijd zijn roetzwarte hand langdurig legde op het even zwarte ontblote bovenbeen van medespeler en leermeester Frank Rijkaard. Dat bloedstollende moment van innemende eeuwigdurende verbondenheid werd door de NOS rechtstreeks uitgezonden.

 

En het tweede ogenblik van adoratie overviel mij jaren terug na het bericht dat hij Paramaribo een voetbalveld en bijbehorende accommodatie had geschonken. Een voetballer die iets opbouwends doet met zijn kapitaal waar hijzelf niet van profiteert. Die mensen mogen dus sterallures hebben; sterker ik verwacht dat van hen…hem in dit geval.

 

Zo niet Van Basten. En vandaar gisteravond in de media het afscheid van Clarence van het Nederlands elftal. Groot gelijk. Respect man; is dat echt teveel gevraagd?

 

Dus wij zagen de gehele avond geen Marco van Basten en geen Clarence Seedorf op de buis voor een toelichting. Niet bij het RTL-nieuws, noch in het NOS-journaal, het Elfde Uur ging erover maar zonder de hoofdrolspelers, en zelfs in het grote NOS-Sport-journaal bleven de afwezigen afwezig. Dat laatste behoeft toelichting.

 

Allereerst, en de rubriek komt daarvoor waardering toe, wist het RTL-nieuws de enige voetballer van de gehele avond te scoren die bereid was een statement af te leggen. Het was Giovanni van Bronckhorst. Nederland telt ongeveer één miljoen actieve voetballers maar hij was de enige die er iets van vond.

 

Want namens Van Basten werden slechts enkele letters in beeld gebracht voorstellende het kortste persbericht dat ooit Zeist heeft verlaten met zoiets als “jammer”.

Wel zagen we hier voor de eerste, maar beslist niet de laatste maal deze avond zeer op dreef, voetbalanalist Johan Derksen die de onverenigbaarheid van karakters ten gunste van Seedorf analyseerde.

 

Het NOS-journaal volstond met een voorleesbericht van precies zestien seconden en probeerde op deze manier de voorspelling van Derksen dat de kwestie Seedorf nu een mediahype zou worden meteen al teniet te doen. Maar zo machtig is het NOS-journaal allang niet meer nu tientallen andere rubrieken tenminste dezelfde- en vaak nog betere journalistieke kwaliteiten in huis hebben.

 

Wat te denken van Het Elfde Uur dat zomaar het merendeel van de zendtijd besteedde aan de afzegging van Seedorf. En het moet gezegd worden dat dankzij Johan Derksen aan tafel het een uitermate zinvolle, prettige en onderhoudende discussie werd. Tafelheer Andries Knevel was in deze laatste aflevering van dit seizoen niet alleen een en al oor voor Derksen maar ook voor de Minister Van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Ab Klink, die zich er ook al mee bemoeide.

 

En daarmee legde Knevel eigenlijk zeer verborgen nieuws bloot.

 

“Wat vindt U ervan dat voetballers 20 keer het jaarsalaris van de minister-president verdienen?”, vroeg Knevel.

De minister vond het wel best.

Letterlijk: “….Ik heb er eerlijk gezegd niet zo heel veel moeite mee…het heeft met mijn Bijbelse achtergrond te maken: u zult niet begeren…”.

Dus nu werd duidelijk waarom Wouter Bos binnen het kabinet geen hand op elkaar krijgt om absurde topinkomens aan te pakken. Deze minister heeft er namelijk helemaal geen moeite mee. Hij is niet jaloers en gunt ieder wat hem in de schoot wordt geworpen.

 

Derksen: “…maar ik moet werken met die snotapen die denken dat vanwege hun inkomen de hele wereld alleen maar om hen draait…”.

 

Terug naar Seedorf-Van Basten, het stond intussen 8-0. En er was zojuist pas afgetrapt. Het wachten was op het grote NOS-Sportjournaal dat straks weer het volledige monopolie op deze bedrijfstak zal uitoefenen. Dus daar weten ze de voornaamste acteurs wel aan de praat te krijgen.

 

En zo zagen wij een enthousiaste Jeroen Stomphorst de rubriek openen en in zijn inleiding over Seedorf alvast meedelen en aankondigen: “…We spraken hem vandaag op Milanello….”.

 

Fantastisch, eindelijk de veroorzaker van het nieuws zelf in beeld.

Maar eerst nog even, waarom eigenlijk, een andere deskundige, en dat bleek Tom Egbers van dezelfde rubriek te zijn. En ook Tom nam het gelukkig meteen al voor Clarence op:

“…Seedorf is een trotse man, maar een gentleman. Je stelt hem een vraag en hij kijkt je ook aan…”.

Inderdaad, een verschijnsel dat zelden voorkomt in dat wereldje.

 

 

En nadat collega Egbers vele minuten mocht volpraten met Seedorf- en Van Bastenverhalen, zou dan eindelijk het grote moment komen.

Jeroen zei nog tegen Tom: “…Bedankt voor je komst naar de studio…”.

“…Nou zover was het niet…”, mompelde de hoofdgast als antwoord want zijn bureaustoel is daar namelijk gevestigd.

 

Nu het grote interview dus dat zoals aangekondigd:

“… vandaag in het Centro Sportivo Milanello was opgenomen…”.

 

En toen sprak Jeroen Stomphorst de voor ons gedenkwaardige woorden:

“…Morgen krijgen we het interview te zien dat we vandaag konden maken op Milanello…”.

 

Dus wéér geen Seedorf, ondanks de aankondiging en dus de misleiding dat men ons voor Jan Joker zeer lang aan de buis had gehouden met gezwets.

 

Bestaan er dan geen uplinks meer in Italië.

Zelf zijn wij bij machte middels een webcam en Skype, dan wel mijn eigen Internet-Youtube-speelgoed, vanuit Nieuw Zeeland, Mongolië of Alaska eerder live bij de NOS op de vloer te komen dan waartoe Tom Egbers in diezelfde studio in staat is, dan wel de NOS het weet klaar te spelen met Seedorf vanuit Italië een lijntje te leggen: dat duurt namelijk bij de NOS een dag.

 

Opvallend. De NOS-sportafdeling weet normaliter continu alles uit de kast te halen om over onze globe de gecompliceerdste verbindingen in een oogwenk te leggen, maar als het een simpel interview met deze hoofdrolspeler in Milaan betreft stelt men uit gemakzucht het nieuws een dag uit.

We kregen dus nog minder dan die zestien seconden van het NOS-journaal.

 

En ook alle voetbalanalisten die er gebruikelijk acteren om ons voor- tijdens- en na de wedstrijden van hun deskundigheid te voorzien bleven nu buiten beeld. Merkwaardig.

 

Dat de lange arm van Van Basten, waarvan men straks tijdens de EK zo ongelooflijk afhankelijk is, zover kan reiken. En ook diens zwijgzaamheid wordt plotseling als volkomen normaal geïnterpreteerd. Moet Johan Derksen dan ook hier nog verschijnen?

 

Dus, nu ons beter voor ogen staat hoe het gemak de mensen kan dienen, tot slot:

 

Morgen krijgt u over het televisieprogramma van vanavond een tv-recensie te lezen, die ik vanmiddag alvast schrijf.

U neemt daar immers genoegen mee.

 

Het is in omroepkringen namelijk een gebruikelijke vorm van  journalistiek.

 

 

 

 

Tv-recensent

 

 


 

Aan:Tv-recensent

 

Betreffende de klacht over de NOS over het niet uitzenden van het interview  met Seedorf vind ik dat u te snel conclusies trekt.

Bij langs de lijn op de radio kwam ditzelfde aspect naar voren. Echter daar legde men wel uit wat de werkelijke reden is. Seedorf heeft de exclusiviteit van z’n verhaal neergelegd bij de Vi, dat pas vandaag verschijnt met als gevolg dat de NOS het interview pas later mag uitzenden. 

 

mvg,

 

J. Nab

 

j.nab68@hotmail.com

 

 

 

Geachte heer Nab,

 

Dit maakt het alleen maar erger. Allereerst: mijn positie hier is die van de kritische kijker. Die neemt waar wat hij hoort en ziet. En dat was gisteravond dat NOS-Sport de eigen uitzending, ook al tevoren in de promo’s, verschrikkelijk opklopte met de mededeling dat men ALLES ZOU HEBBEN over de kwestie Seedorf – Van Basten. Dus daarom gewacht en afgestemd op dat programma. En daarin werd bovendien geopend met opnieuw die suggestie van WE HEBBEN ALLES + de aankondiging van een eigen interview met Seedorf dat eerder die dag was opgenomen. Driedubbele misleiding dus, want we zagen geen interview met Seedorf, we zagen in plaats van ALLES alleen Tom Egbers, en wat verzwegen werd was de waarheid dat Seedorf kennelijk VI de primeur had gegund.

Niet alleen erg kinderachtig allemaal, maar ik noem dat gewoon volksverlakkerij en grove misleiding want daardoor hebben honderdduizenden kijkers gewacht en afgestemd op een programma dat niet bracht hetgeen was toegezegd.

Als de NOS straks, in relatie tot Van Basten bijvoorbeeld, op deze manier het EK gaat coveren kunnen wij beter omzien naar een concurrerend en wel betrouwbaar station.

 

Groet,

 

TV-Recensent

 

 

 


 

 

Beste recensent,

 

Over Seedorf: toen heel lang geleden van Beveren en van der Kuylen afzegden voor een groot toernooi ging er een schok door de natie.

Toen Cruyff dit deed idem.

Toen Gullit afzegde :verschrikkelijk.

Ik zal er een paar vergeten. Nu zegt Seedorf af: we drinken en eten fijn door met de wetenschap dat onze vriend Seedorf binnenkort zal worden uitgenodigd voor een wedstrijdje Zwaluwen 4-oud internationals.

 

vr.gr.matthijs pol

 

TNT@casema.nl

 

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Dinsdag 13 mei 2008

 

 

 

TV-GELUID : ZO KAN HET DUS OOK

 

Uiteraard werd de beslissingsstrijd van een van de boeiendste klassieke concerten van het jaar weer eens georganiseerd en uitgezonden in de nacht. Liefhebbers van goede klassieke muziek blijft bij de televisiestations weinig ergernis bespaard, maar de beloning voor het gaapgeduld was gisteravond enorm. Wat een briljante geluidregistratie bij de laatste dag, dus de finale, van het Eurovision Young Musicians 2008 in Wenen.

 

Lang hadden de liefhebbers ernaar uitgekeken en de NPS zond het dan ook terecht uit. Jonge musici uit geheel Europa die in eigen land de finales hadden gewonnen streden hier om het hoogste dat er te behalen viel, een soort cassetterecorder voor de winnaar van de sponsor, dus eigenlijk om de gigantische eer.

 

Nederland werd vertegenwoordigd door de knappe 19-jarige cellist Steven Bourne die, zo sprak de Nederlandse presentator, een bijzonder aardige jongen is in het dagelijkse leven en ook nog sociaal.

Maar of hij met zijn vertolking van Elegie van Gabriel Fauré nog meer op zijn instrument kon bereiken was voor de kijker moeilijk te achterhalen want hij speelde daarmee hetzelfde werk als in Nederland ook al door hem was uitgevoerd.

 

Winnaar van het grote concours werd de 18-jarige Griekse klarinettist Dionysios Grammenos en de speciale publiekslievelingprijs kwam in handen van een schone Noorse violiste die het gemunt had op een strijkvertolking van Carmen.

 

Daarnaast viel in het bijzonder op Philip Achille, een jongen van nog geen 20 jaar, die zich met zijn mondharmonica foutloos door het eerste deel van het Concert voor mondharmonica en orkest van Michael Spivakovsky heenwerkte.

 

Wij hadden het nog nooit gehoord en het smaakte naar veel meer.

 

Maar waar het eigenlijk allemaal om draaide was de 18-jarige Roope Gröndahl uit Finland die in de open lucht op de Rathausplatz midden in de stad de Wiener Festwochen opende met het concert voor piano en orkest in B-mineur van Peter I. Tschaikowsky. Hij won niet, maar voor ons thuis weer wel.

 

Hoe was het toch mogelijk dat vanaf dat enorme met een massale toeschouwerschare gevulde plein elke noot, hoe subtiel, zacht of onderliggend aan die van het orkest, te horen viel in de huiskamer. Wat een weergaloos knappe geluidsregistratie, en daar mag in het Jaar van Het Televisiegeluid bij worden stilgestaan.

 

Want het kan dus kennelijk toch, een uitmuntende registratie verzorgen zodat de solist geheel overeind blijft en de kijker met opperste mogelijkheden van het genot via zijn toestel wordt bediend. De Oostenrijkers hebben het dus echt door hoe dat moet.

Met solisten als strijkers of blazers is een microfoonopstelling normaal gesproken niet zo moeilijk.

 

Dan is het meer het werk van de geluidstechnici achter de knoppen die het kunnen verzieken of verfraaien door de oren bij het toepassen van de schuiven wijd open te houden in plaats van de ogen op de metertjes.

 

Maar bij een piano of vleugel is dat zeer veel gecompliceerder. Het lukte gisteravond tot in alle finesses op briljante wijze bij het spel van de Finse Gröndahl.

 

             Steven Bourne, buiten de prijzen

 

Maar door het prachtige spel stonden onbeheersbaar niet alleen onze oren wijd open, maar ook de ogen want in elk shot van de solist werd het merk van de concertvleugel uiterst opvallend meegenomen; het was dus een (open) Fazioli concertvleugel.

 

Wat een reclame, maar wat terecht want hier zal menig pianist van hebben opgekeken…of gehoord.

En dus deed na afloop de Nederlandse NPS-buitenbeeldstem daar weer eens uiterst elitair onbehoorlijk lullig over door letterlijk te menen:

 

“….je kunt natuurlijk niet beoordelen hoe het klinkt in een ruimte met een vleugel met een deksel erop, zoals met een Steinway of een Bösendorfer. Het is hier allemaal versterkt – dat is jammer!!!!...”.

 

Alsof er op de televisie ooit een belangrijk concert is geweest waar wij een Steinway of Bösendorfer hebben gehoord en gezien “met een gesloten deksel erop”.

 

Waarom toch altijd die denigrerende opmerkingen over tal van merken van piano’s en vleugels die (via de televisie, welteverstaan) zoveel minder aangenaam zouden klinken dan de grote merken waarover men elkaar zoveel napraat. En het zijn dezelfde nep-deskundigen die blind luisterend naar een pianoconcert op de televisie in geen honderd jaar kunnen raden op welk merk er wordt gespeeld.

 

Zelden hoor je commentatoren zich bezighouden met de merken van de trombones, fagotten of pauken, terwijl daar zeer veel interessants over is mee te delen, maar altijd weer wel over de concertvleugels die alleen maar voorzien van de namen Steinway of Bösendorfer aan de zijkant prachtige klanken zouden kunnen voortbrengen. Ophouden dus met dat elitaire gezwets.

 

De uiteindelijke goede geluidsweergave is bijna altijd het werk van de techniek. Uiteraard niet het spel, de dynamiek ervan en de getalenteerdheid van de uitvoerend kunstenaar, Jan Vayne mag best op zijn Bösendorfer blijven spelen, maar wat uit die kleine speakertjes aan weerszijde van de beeldbuis de huiskamer binnenkomt wordt veelal gemaakt of afgebroken door specialisten aan de andere kant van de zender.

 

En dat was in positieve zin gisteravond weergaloos geniaal goed verzorgd.

Of waren het toch de klanken van een Fazioli concertvleugel; dan hebben duizenden pianisten zich de afgelopen twee eeuwen behoorlijk vergist. En dat kan natuurlijk ook.

Want velen spelen elkaar niet alleen na, maar -kletsen ook.

 

 

 

 

Tv-recensent

 

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Zaterdag 10 mei 2008

 

 

 

”CRIME TIME” : DEGELIJK MAAR ONAFGEMAAKT

 

Het programma Crime Time van John van den Heuvel, zoals het gisteravond werd uitgezonden (Ned. 1, 20:30 uur), misstaat de TROS absoluut niet. Een goede onderwerpkeus gehecht aan een stevig journalistiek anker maakte het tot een degelijke rubriek die het kijken beslist waard is, temeer omdat alle netten, tot het kabinet aan toe, absurd meer oog hadden voor de trouwpartij van een zanger.

 

En toch is de aanpak van John van den Heuvel onvoldoende om ons en de concurrentie aan te kunnen. Als hij zichzelf afficheert met een misdaadprogramma maar er een gewoon actualiteitenprogramma van maakt, hoe degelijk ook, en dat was het, dan is dat onvoldoende om zich als specialistische misdaadrubriek te onderscheiden van de vele actualiteitenrubrieken die wij al tientallen jaren zien, en die allemaal hetzelfde kenmerk hebben: via het journalistieke ambacht zaken aan de kaak stellen en op het hoogtepunt wegwezen, “dan nu een geheel ander onderwerp”.

 

Nooit wordt een kwestie daar afgemaakt, en dat is juist waar gespecialiseerde rubrieken zoals Crime Time, Peter R. de Vries, Consumentenrubrieken, Oplichterprogramma’s, Opsporing Verzocht en Spoorloos-categorieën zich wel op hebben toe te leggen en dat veelal ook doen.

 

’s Ochtends vroeg al adverteert Van den Heuvel in de Telegraaf dat hij er is. Sommige programma’s hebben een dergelijke betaalde aankondiging kennelijk extra nodig, en dat is al een teken van zwakte want een misdaadprogramma waarin zaken worden opgelost komen in hun voorpubliciteit meestal op eigen kracht al voldoende aan de bak bij aanjagers als de Boulevardrubrieken, De Wereld Draait Door en dat soort roddel-, gossip-, boekbesprekende en achterklapprogramma’s.

 

Want niet kan worden ontkend dat de opening van Crime Time een dijk van een onderwerp behandelde. Vrachtwagenchauffeurs die in Frankrijk en Engeland meteen langdurig de cel ingaan als er wordt ontdekt dat er in hun vrachten drugs voorkomt terwijl de chauffeurs zelf van niets weten.

 

En dan verschijnen vol tranen de Poolse ouders van chauffeur Kristof dus bij John van den Heuvel in beeld met de centrale vraag:

 

“…Wie kan hem uit de gevangenis krijgen…”.

 

 

En die vraag wordt dus niet beantwoord door Van den Heuvel omdat hij zich journalistiek richt op het achtergrondverhaal van “…hoe is hij in de gevangenis terechtgekomen…”, en dat laatste is weliswaar zeer interessant, zeker als het een onschuldige betreft en indien dit met het nodige speurwerk goed wordt uitgezocht.

En dat is Van den Heuvel toevertrouwd.

 

Maar als het daarmee ophoudt en dus eigenlijk sneuvelt bij interviews met andere chauffeurs die het ook is overkomen om maandenlang onschuldig in de cel te moeten doorbrengen, zoals de Nederlandse chauffeurs Willem van den Berg en Roman Vos, dan stijgt dat niet boven de aanpak van een willekeurige actualiteitenrubriek uit.

 

Ook niet als advocaat Mr. H. Vallenduuk vervolgens mag uitleggen hoe drugs worden verwerkt in diepvries varkensvlees of pallets met uien worden gemengd met hasjblokken. Want wat wij bij Crime Time willen horen is hoe de meester in de rechten de onschuldige mannen denkt vrij te krijgen. En dat kwam in het gehele programma niet aan bod.

 

Dat laatste weet trouwens ook Ellie Lust van de Politie Amsterdam Amstelland niet, maar de politie wil het wél eens gaan onderzoeken.

 

Dus de moeder van Kristof die zich vanuit Polen tot de Nederlandse werkgever en televisie wendt met de vraag: “…Wie kan hem uit de gevangenis krijgen…”, vraagt zich dat  huilend nu nog steeds af.

John deed een ferme poging het misdaadsyndicaat in kaart en beeld te brengen, weliswaar spannend, maar dat zou elke zichzelf respecterende rubriek doen.

 

Wat bij Crime Time natuurlijk had moeten gebeuren is tenminste een bezoek aan de Franse autoriteiten, uitleg van de spelregels aldaar, want geen vrachtwagenchauffeur is er nu meer veilig sinds het zien van de beelden van gisteravond. Een ieder kan worden opgesloten als er in zijn “door anderen verzegelde lading” toch hasj bevindt.

 

Vrachtwagenchauffeurs weten namelijk veelal niet wat ze in afgesloten kisten, balen en containers vervoeren.

 

En een betrokken werkgever legde nog eens uit dat zijn chauffeurs ’s ochtends werkelijk niet weten wat zij die dag te vervoeren hebben; dus een aanhouding en langdurige celopsluiting kan elke chauffeur overkomen. Je bent dan toch niet goed bij je hoofd als je nog door Frankrijk gaat rijden en geen benul hebt van de lading achter je. Dat leerden wij wél gisteravond.

 

Nogmaals, de bedoeling van een misdaadprogramma, een consumentenprogramma, een gezondheidsprogramma, noem elk specialistisch gebied maar op dat zich in een televisie-uitzending presenteert, is dat het een stap verder gaat dan het volgen of bekend maken van het incident.

En dat nu ontbrak in Crime Time, en daarmee onderscheidt het zich van dat andere misdaadprogramma dat niet alleen onderzoekt maar ook tracht op te lossen.

 

En hoe aardig het aansluitende portret ook was van de momenteel zwaar geblesseerde advocaat Doedens, en het drama van Prostituees die met hun leven werden bedreigd, het ontbrekende element van “de afmaker” verhinderde dat John van den Heuvel spraakmakend werd.

 

Op zich nog niet alarmerend want de makers ontdekken vanzelf nog wel waarmee hun rubriek moet worden bijgesteld, maar tot zolang is Crime Time dus nog geen programma om voor thuis te blijven.

 

Gisteravond keken wij eigenlijk naar TROS-Aktua, hoewel zelfs daarin al vaak werd gemikt op dat laatste zetje.

 

 

 

Tv-recensent

 

 


 

 

 

PINKSTEROVERPEINZINGEN

 

 

 

Geachte tv-recensent,

Tja, waar te beginnen. Ik volg uw site al geruime tijd en raak er danig van in de war. Hoezo, zult u zich afvragen? Welnu, omdat ik het vaak zo ontzettend met u eens ben! De verloedering van tv programma's kun je rechtevenredig spiegelen aan de verloedering van de samenleving. En laat ik nu net krampachtig en met een wellicht wat naieve inslag proberen om alle tv ellende met de mantel der liefde te willen bedekken in de hoop op betere tijden.
Tijden die er niet meer gaan komen, ben ik inmiddels bang voor. Iets waarin u mij dagelijks weer bevestigt en vandaar de verwarring.
Mijn vrouw en ik kijken steeds minder tv en het valt ons tevens op dat juist de programma's die er werkelijk toe doen, en waarvan het van het scherm afspat de ze met liefde zijn gemaakt, op tijdstippen worden uitgezonden die voor vrijwel niemand haalbaar zijn. Onze harddisk-recorder draait overuren, want ze zijn er nog wel degelijk, die met liefde gemaakte programma's. Het is echter wel uitpluizen geblazen.

Ik kan er maar niet over uit dat er zulke bagger wordt gemaakt zoals er wordt gemaakt en ook vraag ik mij regelmatig af wie er in vredesnaam naar zit te kijken? Ook vraag ik mij af wat u als tv recensent 'goede' televisie vindt, want ook dat is mij niet altijd duidelijk en uiteraard arbitrair? Is dat de liefde waarmee het gemaakt is? Maar hoe herken je dat als leek?


Voorbeeld: Gruwen deed ik van uw verslag met betrekking tot de omroep Llink (zie betreffende tv-recensie - red.) met zijn reisprogramma. Ik ben nota bene lid van Llink en genoot tot op zekere hoogte van deze gedachteloze verstrooiing. Wat u schetst is echter een kijkje achter de schermen dat wij als kijker niet hebben. Ik ga er -en hier komt weer mijn naïviteit voor de dag - van uit dat juist bij deze omroep kritisch wordt gekeken naar kosten en dat de afweging kosten/milieubelasting en mooie televisie volcontinue wordt overwogen bij elke beslissing. Niets is minder waar begrijp ik uit uw verslag.

Ik kan nog uren doorgaan, maar weet eigenlijk niet goed waar ik moet beginnen, zoals ik in mijn openingszin al kon melden. Wel kan ik u bevestigen dat ik met genoegen uw stukjes lees, want iedereen ziet zich graag bevestigd in zijn eigen gedachten, nietwaar?

groet,

Gerrit Hoogebeen

 

 

 

 

REACTIES WELKOM

 

N.a.v. de hierboven opgenomen bijdrage van de heer Hoogebeen lijkt het ons als een nuttige uitzondering zinnig andere lezers van de dagelijkse Tv-recensies eens de gelegenheid te geven hierop te reageren. Meestal zijn wij uiterst zuinig met het publiceren van reacties omdat instemming met de recensent weinig toevoegt aan de inhoud en reacties die niet over de inhoud gaan maar over personen die worden genoemd, of andere zaken, evenmin een aanvulling betekenen.

 

De centrale vraag die de schrijver nu opwerpt is: wat is goede televisie? En hoe herken je dat als leek?

Dat laatste is natuurlijk dubbel aardig omdat een kijker nooit leek kan wezen; altijd is hij in zijn discipline van kijker een expert. Gaarne een inhoudelijke bijdrage dus (mail-adres links boven).

 

 

Tv-recensent

 


 

 

Geachte TV-recensent,

 

Als eindredacteur van diverse programma’s in diverse disciplines is mijn ervaring dat een geslaagd en minder geslaagd programma van elkaar verschillen door de mate van geloofwaardigheid. Met andere woorden; zodra de gesproken tekst (zowel in beeld als buiten beeld), de montage (zowel inhoudelijk als het gebruik van effecten) en de eventuele achtergrondmuziek niet stroken met het gevoel dat je als kijker wil/moet ervaren, dan schort er iets aan het programma.

 

Dan wringt de schoen en ontstaat een gevoel van onbehagen. Dat is prima als het zo bedoeld is, zoals Wim T. Schippers in het verleden vaak als Kunst presenteerde, maar wordt treurig als blijkt dat de makers zich er niet of nauwelijks van bewust zijn en hun onvermogen ook nog eens projecteren op het gebrek aan visie bij de kijker of het verkeerde uitzendtijdstip.

 

Het is dus van groot belang dat de makers een goede voorstelling hebben van de doelgroep waar zij het programma voor maken, waarbij zij zich uiteindelijk wel dienen te houden aan de algemene journalistieke normen en waarden in een beschaafde maatschappij. En vooral aan dat laatste wordt nog wel eens voorbij gegaan met het excuus dat er binnen het vak ‘televisie-maken’ geen regels meer zijn en gelden.

 

Wat is er bovendien mis met een beetje inhoud? Ik geloof dat de vaak genoemde ‘Mien uit Assen’ (als prototype van een gewone tv-kijker, die je vooral niet moet vermoeien met ingewikkelde feiten en woorden) veel meer dan gedacht behoefte heeft aan brokjes kennis en informatie in plaats van de doodgekookte groente, die ze nu vaak voorgeschoteld krijgt.

 

Een geloofwaardig en authentiek programma dus en geen piepend en krakend format of een presentator, die niet weet waar hij/zij het over heeft. In dat laatste verband wijs ik graag naar de uiteenlopende en succesvolle presentatoren van Britse programma’s, die met elkaar gemeen hebben dat ze kennis van zaken hebben en daardoor met passie een programma presenteren. De Nederlandse TV behoeft duidelijk meer eigenzinnige experts, die het presentatievak onder de knie moeten krijgen. Maar goed. Vind die maar eens in het Nederlandse maaiveld.

 

Met vriendelijke groet,

Bob Keller

 

 


 

 

Geachte TV-recensent,

 

Meerdere malen heb ik u al deelgenoot mogen maken van mijn bevindingen op het gebied van het akoestisch terrorisme in omroepland en dito beeldvervuiling.

Men hoeft geen deskundige te zijn om te analyseren hoe dit is ontstaan, maar sta mij toe een even simpel als illustratief voorbeeld te beschrijven.

 

Natuurprogramma’s hebben vooral mijn hart. Bekijk eens een mooi in beeld gebrachte natuurdocumentaire, zonder toegevoegde “muziek” met weinig commentaar. Bekijk dezelfde documentaire nu eens die volgeplempt is met  “muziek” over een heleboel commentaar heen. Ervaar en vergelijk en ervaar weer!

 

Er is een hele generatie opgegroeid met overal en altijd muziek, lawaai en onrust. Voor hen is stilte een ongekend fenomeen, die vooral angst oproept. Deze huidige “grote roergangers” hebben allemaal kleine toekomstige roergangertjes in een wereld gezet, die nog boller staat van zwiepende, flikkerende beelden en schreeuwende “muziekte”, altijd en overal. De dagelijkse gevolgen zijn luid en duidelijk bekend. Oppervlakkigheid troef.

Geen geschikte basis voor een vak als camera- of geluidsman/vrouw zou ik denken!

 

Ook mijn (eenvoudige) video-recorder maakt overuren.

De pareltjes aan programma’s die er af en toe nog wel zijn, verdienen dit predicaat voornamelijk omdat ze de kijker/luisteraar in alle rust en stilte de tijd gunnen om contact te maken met het onderwerp, om zo ook een eigen beeld te kunnen vormen, waaraan een mening ontleend kan worden en een gevoel wordt opgeroepen. Door zo een sfeer te scheppen waarin je diepgaand aangeraakt wordt, inspireert het en beklijft ook nog eens.

 

Het stemt treurig te moeten constateren dat ook de publieke omroepen zijn gaan denken dat meegaan in het lawaai, de misselijkmakende camerabewegingen en snelheid, kijkers trekt.

Tenslotte moet mij nog van het hart dat omroep Llink, ondanks een te bewonderen andere koers in onderwerpbenadering, zich ernstig schuldig maakt aan bovengenoemde beeld- en geluidsvervuiling.

Ik kan er écht niet naar kijkluisteren.

 

Rest mij nog u hartelijk te bedanken voor de geboden mogelijkheid de schoonheidsgevoeligen onder ons een uniek (eenmalig?) podium te bieden. Ik noem ons “Lotgenoten in mishandelde zintuigen en beledigde intelligentie”.

Ik hoop dat er massaal wordt gereageerd. Voor het gezonde verstand. Voor de schoonheid en de troost…

 

Met vriendelijke groeten

Annette Reinboud

Lioessens

 


 

 

Geachte TV-recensent,

 

Bij deze wil ik reageren op de oproep op de vraag van één van de andere lezers: ‘Wat is goede TV?’. Graag wil ik op dit moment in het antwoord op deze vraag stilstaan bij het taalgebruik van presentatoren en andere personen wiens stemgeluid via de TV tot ons komt. En dan niet zo zeer voor wat betreft de inhoud, maar vanwege de vorm van de communicatie.

 

Steeds vaker worden we als TV-kijker geconfronteerd met lieden als Ali B. (‘De flat van Ali B.’) en Lange Frans (‘ … stelt Kamervragen’) die met een onvervalst Amsterdams accent hun uitspraken in onze richting ventileren. Nog steeds zijn we niet verlost van hen die de klank van de lange ij ongegeneerd verbasteren tot een aai. En ook in reclamespots (bijvoorbeeld die van Interpolis met rapper Extince en Maud Hawinkel namens de SNS Bank) krijgen we meer en meer te maken met lieden met een karakteristiek dialect.

 

Het lijkt mode te zijn om af te stappen van het ABN (nee, niet de bank) en zoveel mogelijk gebruik te maken van een Multi-culti-sound. Wat is de achterliggende gedachte hierachter? Dient het een doel? Het lijkt voornamelijk het kweken van een imago te zijn of een misplaatst gevoel van willen opvallen tussen de massa’s ‘standaardstemmen’ uit het Gooi. Helaas leidt het bij mij slechts tot irritatie. Als voorheen (zij het amateur-) radiomaker heb ik nog steeds de nodige aandacht voor de kwaliteit van stemmen en daar word je tegenwoordig niet echt vrolijk van.

 

In het ‘Jaar van het televisiegeluid’ mag dit onderwerp wat mij betreft zeker niet ontbreken!

 

Met vriendelijke groet,

Bart Wijnen

 


 

 

Dag recensent,

 

Het is goed te signaleren dat de totale verwording van de tv allang niet meer alleen betrekking heeft op die achterlijke schreeuw en brulprogramma’s van de commercie. Deze week zag ik dus eens goed De Wereld Draait door met andere ogen. Het is daar precies hetzelfde laken en pak. Allemaal BN-ers die langs komen en dan op stap gaan naar de volgende roddelrubriek. Zelfs zagen we er mevrouw Keijl schaamteloos en hopeloos solliciteren naar een baantje bij de tv, en zij beklaagde zich er verdrietig over dat niemand haar nog vraagt en dat ze het nu moet doen met een rolletje als  tafeldametje op maandagavond laat bij de EO waar ze een moment mag aanschuiven.

 

Wat steeds meer begint op te vallen: al die lui doen het niet voor ons kijkers maar voor zichzelf. Hun actieradius is namelijk niet groter dan de wereld die ze zelf geschapen hebben, het planeetje van stemmetjes, gezichten en buisvolk. Daarbij komt dat ze niet de intellectuele gaven meer hebben om buiten dat wereldje te doorgronden wat zich daar afspeelt, en nog erger, ze zien geen enkel verband meer tussen dat en hun eigen virtuele wereld. En vandaar dat wij kijkers in een geheel andere werkelijkheid leven dan al die types daar. Het zij ze gegund, maar liever zien wij televisieprogramma’s van onze eigen globe. En die zijn er steeds minder door dat grachtenvolk.

 

Maarten Vreeswijk

Maastricht