Zaterdag 22 maart 2008

 

 

ROBERT JENSEN: EN TOCH IS IE GOED

 

Hij ligt weer eens onder vuur, ook al mept hij terug. Met bedroevende kijkcijfers en collega’s die velerlei verwensingen zijn richting uit serveren. Zoals VARA’s Astrid Joosten die jaar in jaar uit zelf de aller-slechtste juridische programma’s maakt die er op het scherm te zien zijn en waarvoor kijkers het massaal laten afweten. Veelal komt de kritiek van mensen die zelf in een schulp thuis horen. Vreemd is dat.

 

Maar is dat ooit anders geweest bij Robert Jensen. Vandaar dat wij ons toch lieten verleiden om vanwege de aankondiging “Een gloednieuwe Jensen begint nu”, weer eens op de luidruchtige presentator af te stemmen.

En helaas desondanks, wij zagen, ook gisteravond weer (RTL5) weinig gloednieuws.

 

Hoe kom je op het idee om Herman de zombie en Kelly de afgeklovene, nu nog in 2008, als hoofdgasten voor je talkshow uit te nodigen.

Dildo’s vlogen over het scherm, maar zonder dat wie dan ook enige geschoktheid overkwam en van het even luidruchtige publiek zou het volume niet zijn getemperd als er niet met een kunstpenis was gezwaaid.

 

Wil de echte Jensen nu opstaan, wilden wij hem almaar toeroepen.

Robert Kjærby Jensen (35) is de zoon van de viceconsul van de Deense ambassade Walter Kjærby. Robert werd in een ver verleden ontdekt door Alfred Lagarde die hem bij Veronica introduceerde. Sindsdien was hij op veel plaatsen te zien en te beluisteren en sinds twee jaar dus bij RTL5 met een eigen talkshow.

 

Robert Jensen is vanwege zijn afkomst meertalig en dat buit hij subliem uit door elke gast van internationale allure aan te kunnen. Maar juist daarom is het zo jammer dat de grootheden zo spaarzaam in zijn show figureren. En als hij de top in huis heeft ontgaat dat de kijkers veelal omdat de show van Jensen jaar-in-jaar-uit buitengewoon slecht wordt aangekondigd in de gidsen en helaas ook op het internet.

 

Een inhoudsopgave ziet men er zelden of nooit, de promo’s die toch doordringen tot het scherm zijn miserabel van wervingskracht en bijna continu wordt de indruk gewekt dat de programma’s van Robert Jensen het ondergeschoven kindje vertegenwoordigen van de RTL-groep.

 

 

De verwijdering van de vlinderstrik Jan Paparazzi op de bank, waarop zovelen hadden aangedrongen vanwege diens nutteloze aanwezigheid, leverde bij nader inzien ook al weinig meer op dan er tot dan toe te zien was geweest.

 

Het is dus eigenlijk een show van niks, hoewel een gemiddelde kijkdichtheid van ca. 350.000 belangstellenden toch best nog wel meevalt (gisteravond nog beter: 436.000 kijkers). Maar is de anti-quiz “snuiven en wippen” als persiflage op het programma “spuiten en slikken”, echt een grote vondst? Het is allemaal net beneden de maat, zelfs als we die nemen van de doelgroep voor wie het is bestemd en waarvan we alle exemplaren als gehoor in de studio vertegenwoordigd zien.

 

 

En toch hebben wij de indruk dat dit alles nauwelijks aan Robert Jensen is toe te schrijven. De man ontbeert een hoogstaand kwalitatief en groot productieteam om hem heen die de juiste gasten van betekenis kan aanleveren. Hij mist een uitgebreide redactie van goede speurneuzen die de journalistieke brug slaan naar de actualiteit. Bovenal is Jensen geen plaats in de RTL-programma-schema’s gegund waarop het showtalent volledig de aandacht krijgt die hij waard is.

 

 

En daardoor glijdt de talkshow steeds meer af tot een armetierig gevalletje van lawaai en gezwets dat Jensen zich helaas laat welgevallen. De man heeft het in zich, en de uitstraling is er al, om op amusementsgebied een van de grootste talkhosts te zijn die ons land ooit heeft gekend.

 

En daarom is het zo jammer dat er niemand binnen RTL is die, voorzien van het juiste niveau hem daartoe weet aan te sturen met middelen als kwaliteit, deugdelijkheid, niveau, en andere talenten. RTL mist dus zelf het talent om grote talenten tot volle wasdom te laten komen.

 

Jensen moet dus blijven, waar dan ook, doch in een omgeving die van hem de grootste maakt die in hem schuilt.

 

 

Tv-recensent

                                                                                                                         

 


 

 

                                                                                                                            

Vrijdag 21 maart 2008

 

 

MATTHIJS GAAT VOUSVOYEREN

 

Een heel klein incidentje. Vermakelijk bovendien. En het komt bijna dagelijks voor. Gisteravond overkwam het, eigenlijk als zo vaak, Matthijs van Nieuwkerk. Maar nu met tegengas. Voor De Wereld Draait Door waren uitgenodigd: Fred Teeven en Harry van Bommel. Twee politici. Voor Mathijs was de één “je, jij, jou”, de ander heette gewoon “U”.

 

De geachte afgevaardigde Mr. Fredrik (Fred) Teeven (1958) maakte er een eind aan, en vroeg Van Nieuwkerk om een verklaring:

“…Waarom zeg je nou JIJ tegen hem en U tegen mij…”, daarbij wijzend naar de geachte afgevaardigde Drs. Henricus (Harry) van Bommel (1962).

 

En Fredrik voegde er een vermoeden aan toe: “…komt dat nou door mijn stropdas, ook Van Bommel draagt wel eens een stropdas…”.

 

Zijn verbazing had nog meer reliëf kunnen krijgen als hij het aantal dienstjaren in de Tweede Kamer als verschil had opgevoerd: Van Bommel 10, en hijzelf 6.

 

Zelden een mond gezien zo vol van tanden; het spreekorgaan van Matthijs van Nieuwkerk.

“Ik moet eerlijk zeggen, ik weet niet waarom dat zo is”, sprak de presentator verward, en vervolgens maakte hij een fout die nog veel groter is, “…hoe oud bent u eigenlijk…”, alsof dat een rechtvaardiging kan zijn voor een verschil in benadering tussen Van Bommel en Teeven.

 

En nadat gehoord te hebben (Teeven 49, Van Bommel 46), aansluitend de volgende stommiteit:

“…dan is er geen enkele reden dit te doen – ik zeg tegen beiden vanaf nu: U…”, om vervolgens gedurende de rest van het interview voornamelijk te kiezen voor de veilige maar even incorrecte “jullie”-vorm.

Het liep allemaal gezellig hilarisch af want met zijn natuurlijke charme weet Matthijs aan elk probleem een draai te geven.

 

 

Het begrip tutoyeren komt uit het Frans: (tu = jij en toi = jou). Het tegendeel ervan wordt wel “vousvoyeren” genoemd. Dat is dus geen vies woord voor een blote man met open regenjas, maar toch heeft omroepland er op de buis om onbegrijpelijke redenen moeite mee. Terwijl in die kringen het onderscheid juist helder moet zijn.

 

Een reden om het eenvoudig te houden laat zich vangen in het begrip “respect”. Welke talk-host-presentator bij welke omroep dan ook dient dit in alle omstandigheden in relatie tot zijn gast uit te dragen. En laten we maar meteen een norm stellen: boven de achttien is het altijd U, daaronder zeggen wij wat we willen. Ook bij jongerenprogramma’s – zeker daar.

 

Soms maakt een presentator aan het begin van een interview voor zijn publiek duidelijk dat de gastheer/vrouw en de gast elkaar al zeer goed kennen en dat daarom de jij-vorm aangenamer is omdat dit het gesprek geloofwaardiger kan maken. Dan wringt het niet zo. Het kan en mag, maar moet een zeldzaamheid blijven.

 

Wat niet kan is wat Marga van Praag vorige week nog in het NOS-journaal deed toen zij een langdurig gesprek had met een groep ouderen op zeer hoge leeftijd, bovendien mensen met een lichte vorm van dementie.

 

Zij vertrouwde ons kijkers toe met de hoogbejaarden te hebben afgesproken over en weer jij en jou te zeggen. Dat is om vele redenen onbeschaamd.

 

Deze mensen konden onmogelijk “nee” zeggen tegen het voorstel van Marga voorafgaand aan de uitzending. Bovendien moet je dat als presentatrice helemaal niet willen; ook deze gasten behoren te worden gerespecteerd.

Men liep toch niet te winkelen bij IKEA?

 

“Hij zegt meneer tegen me”, hoorden we jarenlang in een McDonald-reclame toen een ventje van vijf voortreffelijk werd bejegend door de dienstverlener.

 

“Die vlegel noemt me jij en jou”, zal de tachtigjarige hoogleraar daarentegen verbaasd zeggen als er een lomperd uit omroepland langskomt voor een statement. Dat kan dus niet. En omdat bij dit onderwerp grenzen niet arbitrair zijn te trekken, stellen we een duidelijke criterium. Boven de achttien dus.

 

Daar komt nog bij dat het vousvoyeren bij jongeren die net rechtop kunnen staan een heerlijke grappige en respectvolle plaatsing is, dit nog los van de educatieve waarde van interviewprogramma’s en -onderwerpen.

 

Matthijs van Nieuwkerk gaat dus van nu af aan het voorbeeld geven, zo beloofde hij.

Alles boven de achttien wordt U. Maar ja, als dan tafeldame Sophie aanschuift van wie wij sinds deze week weten dat haar grootste kunstje bestaat uit het zich masturberend laten filmen, dan ontstaat er natuurlijk het probleem van de geloofwaardigheid.

 

Toch menen wij van niet. Want ook en juist dan schept het vousvoyeren de “gewenste” en vereiste ruime afstand die nodig is tot de genode man of vrouw aan de gesprekstafel. Zeker voor de kijker.

 

Heel modern is dat.

 

 

 

 

Tv-recensent

                                                                                                                         

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Donderdag 20 maart 2008

 

 

 

NOORDERLICHT: JAN KLAASEN EN KATRIJN

 

“Kijk mij eens leuk moeilijke tekstjes zomaar snel foutloos voorlezen. Is het niet knap?”

Het ontbreekt er nog maar aan dat Georgina Verbaan dit toevoegt aan haar autocue-gebabbel in het VPRO-programma Noorderlicht (gisteravond 3e aflevering). Uit helemaal niets blijkt dat Georgina ook maar iets snapt van de populair wetenschappelijke onderwerpen waarop zij tekstueel wordt losgelaten. En medepresentator Pieter van der Wielen trekt steeds meer een gezicht van: “…wat gebeurt me allemaal met dat type naast mij…ik kan het ook niet helpen…”.

 

Maar los van deze poppenkast: langzamerhand staat nu ook de inhoud van het programma zelf ter discussie, en dat is ernstiger…heel veel zelfs. Er klopt geen hout van en de wetenschapsjournalistiek waarop de VPRO zich beroept en het programma wordt van lieverlede een ware aanfluiting voor deze tak van sport.

 

De opening van de rubriek handelde over de behandeling van neuro-endocriene tumoren. Deze kankercellen groeien langzaam, gaan dan sproeien door het lichaam (uitzaaien), veelal naar de lever, en zijn dan niet meer af te remmen.

 

Maar in Rotterdam, Erasmus Medisch Centrum, zijn ze een stapje verder met behandelen en dat kunnen wij binnenkort lezen in het Amerikaanse vaktijdschrift Journal of clinical oncology, uitgegeven door de American Society of Clinical Oncology, aldus Noorderlicht.

 

En daarom is men in Rotterdam maar eens gaan kijken. Met heel wat soep in de ogen want waar het om ging zagen ze niet.  Want in de afgelopen 8 jaar zijn er in Erasmus meer dan 400 patiënten uit de hele wereld behandeld volgens een nieuwe techniek.

 

Noorderlicht volgde een Amerikaan, Larry Leach geheten, die er al vier keer voor overvloog want volgens Noorderlicht is het Erasmusziekenhuis de enige plaats in de wereld waar de behandeling wordt toegepast.

 

Het eerste niet geringe foutje van de makers, want dezelfde nucleaire geneesmethode, voert men ook uit in Basel en intussen ook op enkele andere plaatsen in de wereld.

 

Het principe van de behandeling is dat er een radioactieve stof in het lichaam wordt gebracht die zich hecht aan de betreffende tumoren en daar aan het vernietigen slaat.

 

Maar waar het allemaal om ging zagen we niet. Ook niet hoe Larry Leach zijn inspuitingen kreeg en twee dagen per keer (in totaal drie behandelingen) in de isoleerkamer moest doorbrengen. Wel werd een foto van hem vertoond in zijn speedboot in Amerika en troffen we hem aan onder een scan.

 

 

Dit scanapparaat heeft niets van doen met de behandeling zelf, het is geen MRI- of CT-scan, het is een Gammascan waarop heel grof na de behandeling is te zien of en waar de stof (somatostatine gekoppeld aan Lutetium) zich heeft gehecht. Noorderlicht daarentegen deed het voorkomen alsof dit de behandeling was.

 

En toen kwam Dr. Kwekkeboom in beeld. Hij vertelde over de nieuwe techniek van inwendige radioactieve straling letterlijk het volgende:

“…Wat we nu weten is dat er een voordeel is in overleving van 4 tot 6 jaar. En dat is erg lang…”.

 

En hier verzuimde Noorderlicht alles te vragen wat er beslist gevraagd moest worden.

4 tot 6 jaar levensverlenging ten opzichte van wat en welke datum?

Hoe hebt u dat vastgesteld?

Hoeveel mensen zijn er wel en niet overleden voor, tijdens en na deze termijn?

Zou het niet kunnen zijn dat de levensverlenging het gevolg is van de octreotide-inspuitingen die de patiënt normaliter sinds zijn ziekte vierwekelijks al krijgt toegediend?

Hoe weet u zeker dat het de Lutetiumbehandeling is die dit resultaat oplevert en niet bijvoorbeeld voedingsaanpassingen?

 

Wij kunnen nog tientallen andere voor de hand liggende vragen bedenken die in een wetenschapsrubriek thuishoren, moeten thuishoren, en hier niet werden gesteld en dus ook niet beantwoord.

 

Het zou nog veel erger worden. Het presenterende tweetal verwees aan het slot van het programma naar de eigen Internetsite voor meer informatie. Die troffen wij dus niet aan, maar wel het volgende onderstaande tekstje.

 

 

Maar het inspuiten van radioactieve stof ter hoogte van de tumor doet Dokter Kwekkeboom dus juist niet. Het zou in de meeste gevallen niet eens kunnen omdat de carcinoïdtumoren daarvoor te klein zijn. Het grote probleem waarom het gevaarlijke radioactieve spul niet in de buurt van de tumoren wordt ingespoten is, dat het via een infuus in de arm gaat en dat de stof dan een baan door het gehele lichaam aflegt op zoek naar de betreffende tumoren en uitzaaiingen waarbij het niet geheel is uitgesloten dat er op andere plaatsen schade wordt aangericht.

Noorderlicht verkoopt dus nonsens.

 

Wat een oelewappers bij Noorderlicht om deze essentiële handeling zo anders te doen voorstellen. Zou het om deze reden zijn dat wij er dan ook in het geheel niets van te zien kregen en het verder moesten doen met tekeningetjes waarop de radioactieve stof, verkregen in Petten, succesvol op weg is naar de receptoren.

 

 

En dan het volgende. Zijn de patiënten op de hoogte van de nieuwe levensverwachting die Kwekkeboom had berekend, en nog belangrijker, weten de patiënten het die nog niet voor de behandeling in aanmerking komen.

 

Nee, niet één.

 

Patiënten hopen alleen maar en worden niet in kennis gesteld van dit soort gegevens, zelfs de betreffende patiëntenvereniging weet hier niet van.

 

En hoe staat het met de kennis ervan bij de huisartsen die als eerste de diagnose kanker moeten stellen of het vermoeden daarvan. De ziekte waar het bij deze neuro-endocriene tumorcellen om gaat heet veelal ”Carcinoïd Syndroom”. Maar in de gehele uitzending van Noorderlicht viel deze naam niet. Dus hoe moet de eerste lijn, de huisarts, dan afweten van behandelingsmogelijkheden als zelfs de naam van de ziekte achterwege blijft?

 

Wel gaf Kwekkeboom aan dat de symptomen ervan vaak zijn diarree en een rood gelaat (flushes c.q. opvliegers). En laten die opvliegers als gevolg van het “Carcinoïd Syndroom” nu precies parallel lopen met verschijnselen van vrouwen in de overgang waardoor huisartsen deze vorm van kanker niet herkennen maar het afdoen als “overgang”. Het zat allemaal niet in Noorderlicht.

 

We zagen gammafoto’s van de tumoren. Links zwart en rechts wat vager, en de suggestie ging ervan uit dat de ene foto zware tumoren laat zien en de rechter wat lichtere na de radioactieve behandeling. Ook al onjuist.

 

Het verschil in helderheid heeft te maken met de duur van het nemen van de foto die kan oplopen van een kwartier tot anderhalf uur onder de scan.

 

Larry kreeg ook een “vliegbrief” mee van de dokter omdat hij na de behandeling enige tijd radioactief straalt.

De patiënt en de arts vertelden dat hij bij de poortjes op Schiphol steeds wordt opgemerkt en dat zou lastig zijn. Ook al mis. De poortjes op Schiphol melden deze geringe radioactieve straling niet. Dat doen ze wél in de VS waar patiënten eerst hardhandig tegen de kant worden gezet alvorens ze hun “vliegbrief” kunnen laten zien.

 

Een Noorderlicht-onderwerp met louter fouten, verkeerde informatie en valse suggesties.

En dat bijeen gedeclameerd door Jan Klaasen en Katrijn.

 

Kom op VPRO, hoelang gaat dit belachelijke en ondeskundige geneuzel nog door.

 

 

 

Tv-recensent

                                                                                                                         

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Woensdag 19 maart 2008

 

 

KAFKA IS TERUG

 

En dus is nu de grote vraag weer of Michael de Jong, bijgenaamd De Klusjesman, er verstandig aan heeft gedaan gisteravond zo open en bloot op te treden in NOVA en Paul & Witteman.

De man die de stelling betrekt:

"Ik ben bespuugd, collega's probeerden me aan te rijden. Wij worden kapot gemaakt", zou daarmee wel eens zijn risico’s op verdere narigheid, nu hij ook voor de rest van Nederland herkenbaar is geworden, kunnen hebben vergroot.

 

Want ook al blijft Ernest Louwes volgens ons rechtssysteem schuldig aan de moord op de weduwe Wittenberg, degenen die geloven in diens onschuld en Michael de Jong verdenken als dader, met als belangrijkste aanklager Maurice de Hond, zijn allerminst van plan hun denkbeelden bij te stellen. En daarmee keert de rust in huize De Jong bepaald niet terug.

 

Hij zei het ook zelf al bij NOVA na het horen van de uitslag: “…dit is weer een punt, dit is weer een stukje, wij zijn hier niet mee klaar…”.

 

Vandaar de vraag…is het wel zo verstandig van deze laatste om zich gisteravond al zo prominent te laten zien en horen op de televisie en misschien zelfs: was het wel zo verstandig en verantwoord van NOVA en Paul & Witteman hem visueel aan Nederland voor te stellen als publiekelijk niet onomstreden object in de Deventer moordzaak.

 

Maar omdat de betrokkene zelf de televisiepubliciteit kiest kan programmamakers natuurlijk geen verantwoordelijkheid in de schoenen worden geschoven voor de gevolgen. Dat zou hooguit het geval kunnen zijn bij een slechte behandeling van het onderwerp. En dat was verre van wat ervan kan worden gezegd.

 

Nadat de President van de Hoge Raad, W. Davids, had gesproken voerden de journalistieke rubrieken op de televisie alle betrokkenen mee naar de volgende fase. Ernest Louwes zelf natuurlijk, zoals aangegeven Michael de Jong, diens advocaat, rechtsgeleerden en ook natuurlijk Maurice de Hond bij Pauw & Witteman.

 

Immers de Hoge Raad had uitgesproken: “…dat er geen nieuwe feiten zijn die heropening van de moordzaak rechtvaardigen...”.

Maar dat was het punt nu juist dat al die tijd door De Hond naar buiten was gebracht. De feiten zelf deugden niet; fouten in politieonderzoek, onzekerheden over DNA-sporen, volgordes in gebeurtenissen die niet waar konden zijn etc..

 

Terwijl het De Hond verboden is er nog verder over te praten, mag hij er wel over denken. Gedachten zijn nog steeds vrij in Nederland. Maar hij mag weer niet al te duidelijk beschrijven wat hij bezig is te denken, en al helemaal niet wat hij voor conclusies aan zijn denkproces verbindt.

 

Het is voor hem een Kafka-wereld geworden, maar voor ons kijkers ook een beetje.

 

Want het staat De Klusjesman nu legitiem vrij de aanval op De Hond te openen zonder dat de opiniepeiler op juridische gronden zich met een eigen redenering daartegen voluit mag en kan verzetten. Hij mag nooit meer het achterste van zijn tong laten zien.

 

En daarmee zijn wij allemaal enigermate in de wereld van Kafka terechtgekomen, een Hollands rechtsgebied dat niet kán kloppen. Vandaar dat Michael de Jong er gisteravond misschien tóch verstandiger aan had gedaan zich een poosje gedeisd te houden.

 

Want wanneer iemand wordt beknot in zijn vrijheden te menen en te denken wat hij wil vanwege het daaraan gekoppelde Staatsverbod zich erover te uiten, leidt dat gegarandeerd tot een  andersoortige gedragsexposure die weer een nieuwe juridische onbeheersbaarheid oproept.

 

En je moet er toch niet aan denken dat er zich ooit een dader meldt die nog niet was verdacht. We kunnen dan ons rechtssysteem wel opdoeken.

 

Wij volgden het gisteravond allemaal op de televisie en werden er heel angstig van.

 

 

 

Tv-recensent

                                                                                                                         

 


 

 

Geachte TV-recensent,

Zeer
ware woorden! Er is in ons land een ongeschreven gouden staatsregel die je niet moet overtreden: Het is verboden je als klokkenluider te profileren, op welk gebied dan ook.
Als je je daar niets van aantrekt zal op alle mogelijke manieren geprobeerd worden je de mond te snoeren.

Wat de HR betreft is er een al meer dan tien jaar oud boek van Freek Bruinsma samen met Utrechtse rechtenstudenten: 'De Hoge Raad van Onderen'. Daarin staat bijv. de zin te lezen: 'Wat is dat voor rechtspraak die geen recht hoeft te doen aan echte feiten, maar slechts aan juridische reconstructie?'

Hoogachtend,
Henk
Boenders, den Haag
.

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Dinsdag 18 maart 2008

 

 

HOTELLEVEN BEST AARDIG

 

Het zijn van die televisieniemendalletjes waarvan er dertien in een dozijn passen. En hiervan krijgen wij zelfs vijf dozijnen. Zonder aarzelen bedacht, gemakkelijk van een plot voorzien want ze kunnen niet mislukken omdat de lat niet boven het maaiveld uitkomt.

 

De een brengt ze onder bij de categorie “soap”, de ander noemt het “amusement”, maar het mag ook “reality-televisie” worden genoemd. Het is van alles een beetje, maar hoofdzakelijk niks.

 

En toch is de serie Hotel van SBS die gisteravond in de vroege vooravond van start ging (18.30 uur) alleraardigst om erop af te stemmen.

 

Bovendien bevat het voldoende rodedraad-elementen om ernaar te blíjven kijken; voorlopig althans, want zestig afleveringen vergt wel erg veel van iemands tijd.

 

Maar juist dit grote aantal getuigt van een zekere moed bij SBS om een sprong in het diepe te wagen, want het Hotel-avontuur kan alle kanten uit en dus ook die van de achterdeur waardoor het zomaar op enig moment ongemerkt verdwenen kan zijn.

 

Waar gaat het om. Het programma Hotel voorziet helaas niet in de allure of creativiteit van Falwty Towers. In de verste verte niet. Het gaat om échte hotels, drie stuks, van de groep NH-hotels. Hoe werken de mensen daar met elkaar samen en staan ze de leiding, zichzelf en de hotelgast ten dienste.

 

Gefilmd worden de dagelijkse werkzaamheden van alle beroepsgroepen binnen een groot hotel, maar dan zodanig dat er een repeterende herkenning is in de personages die wij kunnen volgen. Een van de aardige vondsten is dat werknemers soms verplicht zijn de taken van andere loontrekkers over te nemen zodat zij aan de weet komen hoe het er in alle onderdelen van een hotel aan toegaat en hoe zwaar en ingewikkeld het werk van collega’s soms is.

 

 

Dus wij werden getrakteerd op het eerste kamermeisje ter wereld dat duidelijk een geüniformeerde man was, weggeplukt vanachter de portiersbalie en die zagen wij hopeloos in de weer met de stofzuiger om de kamers te reinigen en deze nachtportier leerde ook de bedden opmaken.

 

Francis, de nieuwe desk manager, wordt er begeerd door portier Renato en die laat zijn gevoelens voor zijn onbereikbare liefde de vrije loop, want het zijn niet alleen de gasten die er vaak voor de hartstocht komen, er gebeurt nog meer in deze hotels, en vooral achter de schermen.

 

Daar bevinden zich bijvoorbeeld ook honderden opladers van scheerapparaten, mobiele telefoons, pda-agenda’s, I-pods en I-phones en wat al niet meer, die er standaard zijn vergeten en dus achtergelaten door hotelgasten.

 

Zakken vol, elke maand weer, gemiddeld 65 stuks per maand per hotel. De apparatuur wordt nooit als vermist opgegeven, kennelijk omdat de vergeetachtige gast ook wilde vergeten dat hij hier logeerde.

 

Bij het grootvuil dus.

 

De sympathieke Jean is Hoofd Housekeeping en deelt overal alert standjes uit omdat de Aziatische kamermeisjes wel goed zijn voor hun werk maar soms op de douchedeur een vingerafdruk achterlaten of twee vreemde haren vergeten te ruimen van de wastafel.

 

Immers, de allochtone mevrouw mag dat wel doen in een “gewone kamer” maar niet in een “special room” want dat is andere koek.

De lieverd lacht dit dubieuze onderscheid van haar af en hervat zonder morren haar poetsactiviteiten.

 

Niettemin raken de afvoerputjes soms toch verstopt. Maar dat is omdat wij gasten er van alles in afvoeren zoals sigarettenpeuken en braaksel, zo viel er te leren.

 

En daarvoor hebben de NH-hotels de wat sullige Mark in dienst die als “technisch medewerker” de putjes reinigt, om de een of andere reden kasten van links naar rechts versjouwt, en voornamelijk laat weten niet te begrijpen waarom er op deze aardbol plaats voor hem is vrij gemaakt.

 

Kortom, het kan een alleraardigste serie worden, zwaar gesponsord natuurlijk zodat de echt grote misverstanden en onaangenaamheden van het verblijven en werken in een hotel onzichtbaar blijven, maar wij krijgen toch zoveel informatie aangeleverd dat respect en begrip voor iedereen die er werkt absoluut kunnen toenemen.

 

Maar wat jammer dat het geluid weer erbarmelijk is. Hele zinnen van de gefilmde medewerkers zijn soms nauwelijks te verstaan door verkeerd of amper vakmatig microfoongebruik en dat geeft het programma een nare ingeblikte en holle klankkleur die veel af doet aan de sfeer die er werd beoogd op te roepen.

 

Dus hebben wij bij de aftiteling in het bijzonder gelet op degenen die hiervoor verantwoordelijk zijn. En wat zagen we: iedereen kreeg een keurig plaatsje, behalve de mensen die deze productie in technische zin op locatie hadden vervaardigd, te weten: de cameralieden en de geluidstechnici. Wij mochten het van de aftitelaar c.q. samenstelllers niet aan de weet komen; wél wie de stagiaires waren.

Is het uit schaamte voor het matige kwalitatieve aandeel van hen of willen deze verantwoordelijken er zelf niet op aangesproken worden en hebben ze verzocht hun naam en toenaam achterwege te laten?

 

         

 

Misschien dat er door SBS ook nog eens een serie gemaakt kan worden over de taken en dagelijkse bezigheden van dit soort vaklieden. Wat bij een complete hotelketen kan, moet bij een televisiebedrijf zelf toch ook kunnen?

 

Zodat wij kijkers wat beter kunnen begrijpen waarom het geluid kennelijk zo armetierig slecht moet zijn. Immers, er moet een bedoeling achter schuilgaan, want aan het enorme arsenaal van apparatuur en huidige opnametechnieken kan het niet liggen.

 

Men moet er iets mee vóór hebben om het onder de maat te houden.

Maar wat? Dat blijft maar een mysterie.

 

 

Tv-recensent

 


 

 

Beste TV-recensent,

 

Even een reactie op je veronderstelling dat t.v.-vaklieden wegens onbekwaamheid bewust niet vermeld worden op de aftiteling van diverse programma's.

Ik kan je melden dat degene die eventueel deze beslissing nemen menigmaal door die zelfde vaklieden van de verdrinkingsdood gered zijn.

 

De enige reden is een puur commerciële en dat sinds de intrede van de commercie in t.v.land.

De brandweer van Aalsmeer en de man die de bloemetjes voor de set levert zijn veel interessanter om te vermelden dan al die gemotiveerde mensen die met hart en ziel aan een productie werken maar door een ander bedrijf dan het hunne ingezet worden.

 

Daarentegen was ik blij dat ik mijn handtekening onder menig commercieel wanproduct in het verleden niet hoefde te zetten.

 

Hartelijke groet,

Henk Eitink 

1st cameraman b.d.

nts, nos, nob, dutchview

 

 


 

 

 

                                                                                                                            

Maandag 17 maart 2008

 

 

STANDAARD ONLOGISCH

 

Met de nieuwe rubriek van Alberto Stegeman, hoe iemand aan zijn recht komt, herleven de oude tijden van Koning Klant van Wim Bosboom. Gisteravond in nummer drie van Da's je goed recht” (SBS – 21.30 uur) maakten we als openingonderwerp kennis met het “Wrak van de Weg”, maar omdat er nog minder werd opgelost dan 30 jaar geleden hielden wij het met de aanpak van Stegeman sneller dan gehoopt voor gezien.

 

Televisie in dit genre is gedurende drie decennia slechter geworden in plaats van beter. En voor de rechtshulp geldt hetzelfde.

 

Mitchell koopt voor € 3500,- een oude auto die op het eerste oog al uit elkaar dreigt te vallen van ellende. Van alles is er, ook zichtbaar, mis maar er wordt toch gekocht. Problemen dus. Deze worden niet opgelost door de verkoper. Al met al loopt de schade op tot € 4000,-.

 

En ook de kilometerteller bleek te zijn teruggedraaid van 254686 kilometer  tot 140214 kilometer.

“Ruim een ton”, zeggen ze in die kringen.

 

Erg dus. Alberto Stegeman erop af. En wat doet de SBS-televisiemaker?

Hij zoekt de garagehouder op met een verborgen camera. Die wordt zó slecht verborgen dat de verkoper vanaf de eerste seconde de apparatuur in de smiezen heeft, en dat ook zegt tegen Stegeman.

 

Deze ontkent dat op zijn beurt niet, want de cameraman loopt gewoon heen en weer bij de voorstelling, maar blijft niettemin onder het mom van “verborgen” doordraaien met de voor een ieder zichtbare camera.

Domkopperij, zinloos, aangejaagd door louter effectbejag in plaats van pogingen tot een oplossing.

 

“…U neemt dit gewoon lekker op…u probeert mij erin te leggen…”, aldus de garagehouder. En het werd nog uitgezonden ook. Stegeman staat met zijn mond vol tanden.

 

Er volgt een gesprek dat grenst aan idiotie, waar beide partijen naar hartenlust aan meedoen. De verkoper betrekt de stelling dat hij altijd auto’s verkoopt met “de kilometerstand onlogisch”. Immers, hij heeft het wrak ook maar van iemand anders overgenomen en die kan wel met de teller hebben geknoeid. Ja toch? (On)logisch toch?

 

En hij formuleert het nog duidelijker:

“…Nou tegenwoordig gaan alle auto’s bij ons in de verkoop als -standaard onlogisch-. Want wij vertrouwen het zelf ook niet…”.

 

Dus wat zeurt de klant.

 

Maar de rubriek van Alberto Stegeman wordt met instemming van het Commissariaat voor de Media gesponsord door DAS-rechtsbijstand. Dus er komt een mevrouw in beeld die namens DAS dat varkentje wel even zal wassen.

 

Zij geeft de gedupeerde koper als volgt hoop: “…Je hebt niet die auto geleverd gekregen die je hebt gekocht. Je kunt je garage erop aanspreken…”.

Tjonge tjonge, wat een rechtshulp.

 

Dank je de koekoek, de gedupeerde mag de leverancier erop aanspreken. Maar hoe dat moet? Toen was de DAS-mevrouw alweer verdwenen. En dat is dan het raadsel wat wij kijkers daar bovenop nog eens tevergeefs aangeboden kregen.

 

Dus de verzekeraar noch Stegeman adviseren de gedupeerde onmiddellijk naar de rechter te stappen omdat het juridische handelsprincipe “standaard onlogisch” in geen enkel wetboek rechtsgrond heeft. Men neemt genoegen met een praatje voor een zichtbare verborgen camera die voor kijkers en omstanders zichtbaar onverborgen bleef.

 

 

Uiteindelijk is de garagehouder bereid € 1500,- aan te bieden. Een verlies dus van € 2500,- voor de koper omdat hij zo sukkelig was Alberto Stegeman en DAS in de arm te nemen.

 

In beeld komt Alberto nog wel even zeggen dat de koper en zijn vader “nu blij zijn”, en vervolgens: “…wij kunnen op deze manier de zaak positief afsluiten…”.

 

Juridisch Nederland lag intussen kromgillend en brullachend van plezier dwars op de bank over zoveel onkunde van Da’s je goed recht en DAS zelf. Weer een consumentenrubriek erbij, maar dan nog slechter dan er bij de commerciële omroepen toch al aan dit soort programma’s kwam en weer verdween, en in ieder geval zodanig inferieur dat wijlen Wim Bosboom zeker een nacht lang heeft liggen woelen in het hiernamaals.

 

Ruim dertig jaar consumentenrecht op de televisie, en dít is in 2008 wat programmamakers en verzekeraars ervan hebben begrepen.

 

Standaard onlogisch.

 

 

 

Tv-recensent